De kans op de bank: Richard

Mijn werk was wie ik was

Zorgen voor mensen heeft altijd centraal gestaan in mijn werk. Eerst in de horeca, maar daarna vooral in de zorg. Ik heb jarenlang gewerkt met jongeren en later ook met jonge moeders in kwetsbare situaties. Mensen begeleiden, ondersteunen, perspectief bieden. Dat is wat ik deed. En eerlijk gezegd: dat was ook wie ik was. En wat me gelukkig maakt.

Tot dat ineens wegviel. Door een reorganisatie verdween mijn functie. En dan sta je opeens stil. Dat was wennen, want ik was zó gewend om altijd maar gas te geven. Niet alleen praktisch, maar ook mentaal. Want als je werk zo’n groot onderdeel van je identiteit is, moet je jezelf opnieuw ontdekken. Wie ben ik eigenlijk zonder dat werk?

Ik gaf advies, maar vroeg er nooit om

In die periode kwam ik erachter hoeveel mijn werk van me had gevraagd. Ik was moe. En mijn zelfvertrouwen kreeg een knauw. Zeker als solliciteren niet meteen lukt en je merkt dat je leeftijd soms toch meespeelt. Dan ga je aan jezelf twijfelen. Maar het lastigste? Dat ik altijd anderen adviseerde hulp te vragen. Maar het zelf niet deed. Ik dacht dat ik het wel alleen kon. Tot ik merkte dat precies dat me juist tegenhield. Pas toen ik hulp ging accepteren, van het UWV, adviseurs en mensen om me heen, begon er weer beweging te komen. En langzaam kwam ook mijn vertrouwen terug.

Toch weer mensen helpen

Werk is zo’n enorm onderdeel van het leven. Je bent er dagelijks uren mee bezig. Het geeft structuur, contact met anderen en zingeving. Dat besefte ik pas toen het wegviel. Ik ontdekte dat ik voor mensen wilde blijven zorgen, maar op een andere manier. Via een opleiding tot loopbaanadviseur en een werkervaringsplek ben ik uiteindelijk gestart als jobcoach. En dat voelt eigenlijk heel logisch. Want ik weet nu zelf hoe het is om stil te staan. Om te twijfelen. Om opnieuw te moeten beginnen.

Wat ik zie in mijn werk, zijn mensen die vaak meer kunnen dan ze zelf denken. Die alleen het vertrouwen even kwijt zijn. En juist daar kan ik het verschil maken. Ook wanneer ze, net als ik, moeite hebben met hulp vragen. Ik zorg dat ik er ben, ook wanneer ze denken me niet
nodig te hebben. Het mooiste moment is wanneer iemand me écht niet meer nodig heeft. Als iemand weer vertrouwen heeft en zelf verder kan. Dan is mijn zorg-taak klaar.

“Ik hielp anderen vooruit. Tot ik zelf stil kwam te staan.”

Neem contact op
Klik hier voor alle verhalen